Nationaal Coördinator Groningen (NCG) helpt de schadeafhandeling te verbeteren en werkt aan het versterken van woningen en gebouwen. Maar ook aan het vergroten van de leefbaarheid en duurzaamheid en het versterken van de regionale economie. De bewoner staat hierbij centraal.

vrijdag 7 juli 2017

Inspecties van gebouwen in aardbevingsgebied op stoom

Op vrijdag 7 juli heeft het Kabinet ingestemd met een addendum (toevoeging) op het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen 2017-2021.

In het addendum zijn nieuwe afspraken vastgelegd rondom een aantal onderwerpen, zoals de inspectie en versterking van woningen en andere gebouwen. De colleges van B&W van de twaalf gemeenten en het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Groningen hebben tevens ingestemd met het addendum.

Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders: "We zijn volop bezig met het inspecteren van woningen en andere gebouwen om te bepalen of ze bestand zijn tegen aardbevingen. De komende maanden gaan we de inspecties van zorgpanden uitbreiden. Ook kerken worden geïnspecteerd. Daar gaan we een alternatieve beoordelingsmethode testen, die mogelijk sneller is dan de huidige beoordelingsmethode."

2500 bewoners geïnformeerd over start woninginspecties

In vijf jaar tijd gaat NCG alle 23.500 panden in de kern van het aardbevingsgebied inspecteren. In 2017 vinden 5.000 inspecties plaats. NCG is in de kern van het aardbevingsgebied volop bezig met het inspecteren van woningen en andere gebouwen. In 2016 zijn in Appingedam, Loppersum, Overschild, ’t Zandt en Ten Post woningen geïnspecteerd. Eind 2016 werd bekend dat deze woningen niet aan de norm voor aardbevingsbestendig bouwen voldoen en versterkt moeten worden. In het najaar starten de eerste versterkingswerkzaamheden in Appingedam.

Eind 2016 en begin 2017 is het inspectiegebied uitgebreid met Uithuizen, Zandeweer, Kantens, Delfzijl-Noord, Middelstum, Stedum, Winneweer, Lellens, Ten Boer, Woltersum, Slochteren en Schildwolde. Later in het jaar wordt daar Holwierde aan toegevoegd. In juni organiseerde NCG een hele reeks informatiebijeenkomsten voor bewoners waarvan de woning in de tweede helft van 2017 wordt geïnspecteerd. Ruim 2500 adressen kregen een uitnodiging voor deze bijeenkomsten.

Per 1 juli wordt de nieuwe NPR voor het gehele aardbevingsgebied van toepassing verklaard  voor het inspectie- en engineeringsprogramma (versterkingsprogramma) en nieuwbouw. Dit betekent dat de NPR 9998:2017 geldt voor het inspectie- en engineeringsprogramma voor de tweede helft van 2017.

Inspecties zorgpanden uitgebreid

Naast woningen moeten ook andere gebouwen worden onderzocht. Zo breidt NCG binnenkort de inspecties van zorgpanden verder uit. Het gaat om ongeveer 70 zorggebouwen. NCG inspecteert onder andere verpleeghuizen, verzorgingshuizen, woongemeenschappen en dagbestedingen op het gebied van verpleging en verzorging, gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg. De gebouwen staan in de kern van het aardbevingsgebied en in Bedum, Siddeburen en Delfzijl. In de loop van 2018 moet duidelijk zijn of deze gebouwen voldoende aardbevingsbestendig zijn.

Ondertussen werken zorginstellingen, gemeenten, de provincie, zorgvastgoedorganisaties en zorgverzekeraars samen aan een visie op zorg in de toekomst. Deze visie moet antwoord geven op de vraag hoe de zorg in de aardbevingsregio er in de toekomst uitziet. Met deze visie en de uitkomsten van de inspecties kan een versterkingsplan voor het zorgvastgoed ontstaan met oog voor de toekomst.

Onderzoeken alternatieve beoordelingsmethode

In de tweede helft van 2017 start NCG een onderzoek naar de toepassing van een alternatieve beoordelingsmethode om te beoordelen of gebouwen bestand zijn tegen aardbevingen. Het gaat om een beoordelingsmethode van de Italiaanse professor Calvi. Eerder onderzoek van professor Calvi bij een aantal kerken in het aardbevingsgebied heeft de verwachting gewekt dat met zijn methode sneller kan worden bepaald of versterking van een gebouw nodig is.

Om de beoordelingsmethode te testen, gaat NCG ongeveer 52 kerken in de kern van het aardbevingsgebied met deze methode onderzoeken. Zo hoopt NCG inzicht te krijgen in de geschiktheid van de methode voor andere gebouwen. De inspecties van kerken heeft geen gevolgen voor het tempo van inspecties van woningen. Aangezien met een alternatieve methode wordt gewerkt, voeren andere inspectiebureaus het werk uit.

donderdag 6 juli 2017

Afsluiten rechtsbijstandverzekering voor mijnbouwschade toch mogelijk

Bij Centraal Beheer, FBTO, Interpolis, Avéro Achmea en ARAG kunnen bewoners van het aardbevingsgebied een rechtsbijstandsverzekering afsluiten voor rechtshulp bij conflicten over mijnbouwschade. Dat blijkt uit een ronde langs verzekeraars door Nationaal Coördinator Groningen (NCG).

Bij Centraal Beheer, FBTO, Interpolis en Avéro Achmea is het wel zo dat bestaande schades of schades die ontstaan tijdens de wachttijd niet verzekerd zijn. Er is wel dekking voor nieuwe schades na de wachttijd. Ook verzekeraar ARAG dekt de kosten voor rechtsbijstand. Bij ARAG gelden wel beperkende voorwaarden als in het verleden al schade heeft plaatsgevonden.

Signalen van bewoners

NCG nam contact op met  een aantal verzekeraars naar aanleiding van signalen van bewoners. Meerdere bewoners gaven aan zich niet te kunnen verzekeren voor rechtshulp bij geschillen over schades door gaswinning. De voornaamste reden is dat verzekeraars stellen dat schade door gaswinning te voorzien is. Een rechtsbijstandverzekering is bedoeld om de gevolgen van een onzeker voorval af te dekken. Er zijn verzekeraars die grofweg de aardbeving bij Huizinge van 16 augustus 2012 als peildatum hanteren om te beoordelen of sprake is van een onzeker voorval. Maar er zijn dus ook verzekeraars die wel mogelijkheden bieden voor rechtshulp bij conflicten over mijnbouwschade.

Collectieve verzekering

Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders: "Ik vind het belangrijk dat bewoners in het aardbevingsgebied zich kunnen verzekeren voor rechtshulp bij geschillen over mijnbouwschade. Daarom houden we in de gaten of bewoners een rechtsbijstandsverzekering kunnen afsluiten. Daarnaast heb ik het Verbond van Verzekeraars gevraagd hoe zij aankijken tegen een  gezamenlijke aanpak, bijvoorbeeld een collectieve verzekering voor de Groningers, waarin verzekeraars en de overheid samen optrekken. Als het Verbond hier positief tegenaan kijkt, ga ik daarover in gesprek met het rijk."

vrijdag 30 juni 2017

Nieuw Schadeprotocol vergevorderd

Gezamenlijke verklaring van:

Groninger Bodem Beweging, Gasberaad, gemeenten Appingedam, Bedum, Delfzijl, De Marne, Eemsmond, Groningen, Hoogezand-Sappemeer, Loppersum, Menterwolde, Slochteren, Ten Boer, Winsum, rijk, provincie Groningen en Nationaal Coördinator Groningen.

Leden van de maatschappelijke stuurgroep (Groninger Bodem Beweging en Gasberaad) en de bestuurlijke stuurgroep (twaalf gemeenten, provincie en rijk) werken intensief samen met de Nationaal Coördinator Groningen aan een nieuw onafhankelijk schadeprotocol.

Een schadeprotocol waarmee NAM geen rol meer heeft bij de schadeafhandeling, waarbij de bewoner met schade centraal staat en gehandeld wordt vanuit zijn perspectief. Er zijn goede stappen gezet en een nieuw schadeprotocol komt daarmee steeds dichterbij.

Alle betrokkenen vinden echter dat er meer tijd nodig is om ervoor te zorgen dat er een goed en gedragen protocol kan worden vastgesteld. Dat kwaliteit en zorgvuldigheid nu iets meer tijd nodig hebben. Het moet nu in één keer goed! Alle betrokkenen hebben er vertrouwen in dat binnen afzienbare tijd een schadeprotocol wordt gepresenteerd waar bewoners met schade onafhankelijk en goed mee worden geholpen.

Aan bovenstaande gezamenlijke verklaring voegt Nationaal Coördinator Groningen toe dat zo spoedig mogelijk gestart wordt met de beoordeling van schademeldingen. Over de manier waarop dit moet gebeuren wordt op dit moment door alle betrokken gesproken. De beoordelingsmethodiek hangt ten nauwste samen met het schadeprotocol en met de verantwoordelijkheidsverdeling. De NCG richt het proces zo in dat binnen enkele weken zodanig resultaten worden geboekt dat de start van de beoordeling mogelijk is. Dat betekent dat er dan zicht moet zijn op het bereiken van overeenstemming over de verschillende onderdelen. Het streven van de NCG is erop gericht het nieuwe schadeprotocol de komende weken gereed te hebben.

donderdag 29 juni 2017

Winsum en Loppersum aan de slag met leefbaarheidsprojecten

Gemeente Winsum en gemeente Loppersum ontvangen een bijdrage vanuit Kansrijk Groningen om leefbaarheidsprojecten te financieren. Het gaat om een bedrag van circa 1 miljoen euro per gemeente.

Winsum krijgt de bijdrage voor het project de Tirrel, een gebouw voor zorg, onderwijs, sport en vrije tijd op één locatie. Loppersum gaat met de subsidie uiteenlopende leefbaarheidsprojecten financieren, zoals het herstellen en vernieuwen van openbare ruimtes.

De bijdragen zijn toegekend naar aanleiding van aanvragen van beide gemeenten in de vierde tender vanuit het leefbaarheidsprogramma voor Gemeentelijke herstructureringsprojecten van Kansrijk Groningen.

De Tirrel: een levendige plek voor jong en oud

De Tirrel is een project in Winsum, waar onderwijs, zorg, sport en vrije tijd samenkomen. Zo komen twee basisscholen, een zorgcomplex, een sporthal en een multifunctionele ruimte onder één dak op het terrein van De Twaalf Hoven in het dorp Winsum. Hiermee creëert Winsum een levendige plek in de wijk waar iedereen altijd terecht kan. Kinderen houden ouderen actief, ouderen houden kinderen betrokken. De verwachting is dat begin 2019 de Tirrel daadwerkelijk als gebouw staat.

Impuls voor dorpen in Loppersum

Gemeente Loppersum gaat de subsidie gebruiken voor uiteenlopende projecten. De gemeente staat aan de vooravond van een grote versterkingsopgave die druk legt op de leefbaarheid in het gebied. Daarom gaat Loppersum een deel van de subsidie gebruiken om na de versterking openbare ruimtes te herstellen en vernieuwen. Ook wil de gemeente het centrum van Loppersum een impuls geven door een oplossing te bieden voor leegstand van vastgoed. Verder krijgt Loppersum een bijdrage voor de ontwikkeling van bijzondere, innovatieve en duurzame schoolpleinen en zal een deel van het geld worden besteed aan duurzame energie.

Gemeentelijke herstructureringsprojecten

De gemeenten Ten Boer, Winsum, Bedum, De Marne, Slochteren, Delfzijl, Appingedam, Loppersum en Eemsmond kunnen een financiële bijdrage krijgen voor grootschalige projecten via het Kansrijk Groningen programma Gemeentelijke herstructureringsprojecten. Deze projecten moeten de leefbaarheid bevorderen en een relatie hebben met schadeherstel of versterking.

woensdag 28 juni 2017

Start aanpak risicovolle gebouwonderdelen Groningse scholen

In opdracht van Nationaal Coördinator Groningen (NCG) start Centrum Veilig Wonen (CVW) deze zomer met het aanpakken van mogelijk risicovolle gebouwonderdelen bij scholen en gymlokalen in de gemeente Groningen.

Op basis van een inventarisatie door de gemeente Groningen en nader onderzoek door CVW is geconstateerd dat in totaal 112 gebouwonderdelen moeten worden hersteld of versterkt.

De aan te pakken gebouwonderdelen van de scholen vormen geen acuut onveilige situaties. Met de aanpak van de risicovolle gebouwelementen worden de gebouwen veiliger gemaakt. Het werk wordt in 2017 en 2018 uitgevoerd.

Onderzoek naar risicovolle gebouwelementen

Op initiatief van de gemeente Groningen is in 2015 bij 120 scholen en gymlokalen in de gemeente onderzoek gedaan naar potentiële risicovolle gebouwonderdelen bij aardbevingen. Bij de helft van de gebouwen, zo is vastgesteld, zijn er beperkte maatregelen nodig. De geïnventariseerde gebouwonderdelen zijn doorgegeven aan Centrum Veilig Wonen (CVW). Ingenieursbureau ABT Wassenaar heeft vervolgens samen met CVW de risico’s en vervolgaanpak bepaald. Onder regie van de NCG en samenspraak met de gemeente Groningen volgt nu de uitvoering.

Gebouwelementen versterken

De aanpak van de gebouwelementen vraagt om maatwerk en vindt daarom in nauwe samenwerking met de schoolbesturen en schooldirecties plaats. Veel gebouwonderdelen zijn redelijk eenvoudig aan te pakken. Een deel vergt meer tijd door de complexiteit van de benodigde maatregel of het aanvragen van vergunningen, bijvoorbeeld bij monumentale gebouwen. Werkzaamheden bestaan bijvoorbeeld uit het herstellen van voeg- en metselwerk, het aanbrengen van wapening, het versterken of verwijderen van bepaalde gebouwonderdelen en/of het (beter) vastzetten van installatieonderdelen. De meeste werkzaamheden vinden zoveel mogelijk buiten schooltijden plaats of op een wijze die zo min mogelijk overlast veroorzaakt voor de scholen.

woensdag 14 juni 2017

Voorkom verjaring van mijnbouwschade

Het recht op vergoeding van mijnbouwschade verjaart na vijf jaar. Gedupeerden kunnen daardoor hun aanspraak op een schadevergoeding kwijtraken. NCG adviseert gedupeerden voor 16 augustus 2017 de NAM een brief te sturen om verjaring te voorkomen.

Op 16 augustus is het precies vijf jaar geleden dat de aardbeving in Huizinge plaatsvond. Deze beving heeft voor veel schades gezorgd. Vooral bewoners met schade uit 2012 die de veroorzaker nog niet aansprakelijk hebben gesteld, lopen het risico op het verjaren van de schade.

Verjaring stoppen

De verjaringstermijn loopt vanaf het moment dat de gedupeerde schade heeft geconstateerd en ook weet wie de schade heeft veroorzaakt. Of en wanneer een verjaring is gaan lopen, hangt af van het moment dat de gedupeerde daadwerkelijk bekend is geworden met de partij die aansprakelijk is voor de schade. Dit kan per aansprakelijke partij verschillen. De gedupeerde kan de verjaring van schadevorderingen stoppen (stuiten) door een stuitingsbrief te sturen naar de NAM. In de brief moet de gedupeerde aangeven dat hij zijn rechten handhaaft en de verjaring stuit. Dan begint een nieuwe verjaringstermijn van vijf jaar te lopen.

Voorbeeldbrief

NCG heeft een voorbeeldbrief voor het stuiten van de verjaringstermijn opgesteld. De brief is te downloaden op www.nationaalcoordinatorgroningen.nl. In de brief moet ook de schade (bijvoorbeeld materiële en/of immateriële schade) worden omschreven. Het is verstandig om de brief per aangetekende post met bewijs van ontvangst te verzenden. Daarmee kan de gedupeerde aantonen dat de mededeling is aangekomen bij de geadresseerde.

woensdag 17 mei 2017

Evaluatie Pilot Koopinstrument afgerond

Onderzoekers adviseren vervolg op pilot voor opkopen woningen

In opdracht van de Nationaal Coördinator Groningen (NCG) heeft onderzoeksinstituut OTB van de TU Delft de Pilot Koopinstrument geëvalueerd. Het instrument is een proef van NCG om in de kern van het aardbevingsgebied in specifieke omstandigheden te koop staande woningen op te kopen.

Onderzoekers professor Boelhouwer en dr. Van der Heijden van OTB hebben betrokken partijen geïnterviewd en een enquête gehouden onder de aanvragers. In de evaluatie bevelen de onderzoekers aan dat er een vervolg moet komen op het koopinstrument.

Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders: "Het proces en de voorwaarden zijn zorgvuldig door OTB onder de loep genomen. Ik ben blij met de conclusies en de aanbevelingen van de onderzoekers. Een opkoopinstrument vind ik van groot belang voor bewoners die ondanks uiterste inspanningen niet in staat zijn om hun huis te verkopen en het gevoel hebben ‘gevangen’ te zitten. Daarom ga ik me er hard voor maken om een nieuw opkoopinstrument in het leven te roepen. Met NAM en het ministerie van Economische Zaken ga ik in gesprek om de mogelijkheden voor een vervolg van de proef te bespreken."

Knelpuntenregeling

De onderzoekers stellen voor om de proef een vervolg te geven in de vorm van een knelpuntenregeling. Als na twee tot drie jaar de meest urgente probleemgevallen zijn geholpen, kan volgens de onderzoekers een garantieregeling voor een bredere doelgroep worden ingesteld die gericht is op het opkopen van moeilijk verkoopbare woningen.

De knelpuntenregeling kan dezelfde vorm en invulling krijgen als het huidige opkoopinstrument. Wel adviseert OTB om bij een vervolg een aantal punten aan te passen. Zo wordt onder andere voorgesteld om ook erfgenamen in aanmerking te laten komen en om vroeg in het koopproces afspraken te maken met de verkoper over de positie van de verkopend makelaar.

Waardebepaling van belang

In de Pilot Koopinstrument zijn woningen opgekocht voor 95 procent van de taxatiewaarde. Uit de enquête onder deelnemers van de opkoopregeling blijkt dat de helft vindt dat de taxatieprocedure (tot nu toe) niet goed is verlopen. De onderzoekers geven aan dat een zorgvuldige waardebepaling van belang is voor een goede regeling. Daarom adviseren ze om de waarde van de woningen te bepalen op basis van taxaties door twee taxateurs. Het aanbod kan dan worden vastgesteld op 95 procent van het gemiddelde van beide taxaties. Een alternatief dat de onderzoekers voorstellen, is om op basis van de WOZ-waarde en een indexatie van de prijsontwikkeling in een referentiegebied de waarde van de woning te bepalen. Bij de WOZ-waarde adviseren de onderzoekers de peildatum 2012 te hanteren, vóór de aardbeving bij Huizinge.

Over de Pilot Koopinstrument

In 2016 is Nationaal Coördinator Groningen (NCG) een pilot gestart om ondersteuning te bieden aan mensen in specifieke omstandigheden met een noodzaak tot verkoop, maar die hun woning niet verkocht krijgen. Voor de proef heeft NAM een bedrag van 10 miljoen euro beschikbaar gesteld. Van de 179 aanmeldingen voor de proef voldeden 117 aan de voorwaarden. Bij de selectie van de woningen is gelet op sociaaleconomische en sociaal-maatschappelijke omstandigheden van de aanvrager die noodzaak tot verhuizing met zich meebrengen. Van de 117 aanvragen zijn toen 55 woningen geselecteerd voor opkoop.

Ondertussen is een aantal woningeigenaren erin geslaagd om de woning zelf te verkopen. Vanwege het vertrek van deze woningeigenaren uit de regeling konden 8 nieuwe woningen worden toegevoegd. Tot op heden zijn in totaal 42 koopovereenkomsten ondertekend. 16 woningen uit de proef zijn inmiddels opgekocht.

dinsdag 9 mei 2017

NCG publiceert eerste kwartaalrapportage 2017

Nationaal Coördinator Groningen (NCG) heeft de eerste kwartaalrapportage van 2017 uitgebracht. De rapportage beschrijft de voortgang rondom schadeherstel, inspecties en versterken van woningen, regelingen en onderzoeken.

Uit de rapportage blijkt onder andere dat het aantal schademeldingen is gestegen en meer schademelders kiezen voor herstel van schade in plaats van uitbetalen. Verder zijn 577 woningen geïnspecteerd om te kunnen bepalen of versterking nodig is en hebben de eerste inspecties van agrarische bedrijven plaatsgevonden.

Aantal schademeldingen gestegen

Centrum Veilig Wonen (CVW) heeft in het eerste kwartaal 2.435 schademeldingen in behandeling genomen. Dat is een stijging ten opzichte van het aantal schademeldingen in het vorige kwartaal. Toen kamen er 1.897 meldingen binnen. Het aantal schademelders dat kiest voor herstel van de schade is iets gestegen. In het eerste kwartaal koos ongeveer een derde van de melders met aardbevingsschade voor herstel van de schade in plaats van uitbetaling. In het laatste kwartaal koos een op de vier bewoners hiervoor. Op 31 maart 2017 heeft NCG 121 complexe dossiers in behandeling. Gedurende het eerste kwartaal zijn 34 dossiers aangemeld en 43 dossiers afgehandeld. Van de 43 afgehandelde dossiers waren 12 daadwerkelijk complex.

Extra inspectiebureaus aan de slag

In het eerste kwartaal zijn in de kern van het aardbevingsgebied 577 woningen geïnspecteerd om te kunnen bepalen of versterking nodig is. Om alle woningen en gebouwen in de kern van het aardbevingsgebied binnen vijf jaar te kunnen beoordelen, inspecteert NCG in 2017 5.000 woningen en 300 andere gebouwen. Om dit te realiseren heeft CVW in het eerste kwartaal extra inspectiebureaus gecontracteerd. Met het op sterkte brengen van de inspectiecapaciteit kunnen de resterende inspecties plaatsvinden om de 5.300 inspecties in 2017 te realiseren. Verder zijn in Overschild inspecties gestart in het kader van een proefproject voor de versterking van agrarische bedrijven.

Nieuwe woningen toegevoegd aan Pilot koopinstrument

Medio 2016 zijn 55 woningen geselecteerd voor opkoop vanuit de Pilot koopinstrument. Ondertussen zijn een aantal woningeigenaren erin geslaagd om hun woning zelf te verkopen. Vanwege het vertrek van deze woningeigenaren uit de regeling is ruimte vrijgekomen binnen het beschikbare budget van € 10 miljoen. Daardoor kon NCG vijf nieuwe woningen toevoegen aan de regeling. Deze eerstvolgende vijf eigenaren op de lotinglijst hebben een aanbod gekregen voor de opkoop van hun woning. Wanneer blijkt dat er door tussentijdse verkoop van woningen of andere redenen opnieuw ruimte binnen het budget van € 10 miljoen vrijkomt dat wordt de volgende op de lotingslijst geselecteerd. Tot op heden zijn in totaal veertig koopovereenkomsten tweezijdig ondertekend. De eerste woningen uit de proef worden begin april 2017 opgekocht.

U kunt de kwartaalrapportage lezen op de website van Nationaal Coördinator Groningen.

vrijdag 31 maart 2017

Vanaf 1 juli nieuwe procedure voor afhandeling schades

Vanaf 31 maart 2017 trekt NAM zich terug uit het schadeproces. Met een schone lei treedt vanaf 1 juli 2017 een nieuw en onafhankelijk schadeprotocol en schadehandboek in werking. Vanaf dat moment oordeelt een onafhankelijke commissie over schades en schadebedragen. Kleine schades binnen het effectgebied van een beving worden in het nieuwe protocol direct hersteld zonder nader onderzoek.

Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders: "Vandaag is een fundamentele stap gezet op weg naar herstel van vertrouwen. De NAM gaat uit het systeem van schadeafhandeling, maar blijft aansprakelijk voor schade door bodembeweging als gevolg van gaswinning. Bovendien doet NAM een eenmalig aanbod aan bewoners met eenzijdig afgesloten en openstaande schademeldingen om met een schone lei te kunnen starten per 1 juli aanstaande."

Schone lei voor schades tot 31 maart 2017

Nationaal Coördinator Groningen (NCG) is nog volop in gesprek met NAM over de invulling van de schone lei. Duidelijk is dat het in ieder geval gaat om een eenmalig aanbod van NAM om voor een bedrag van € 1.500 schade te herstellen. Het aanbod geldt voor bewoners met openstaande schadedossiers bij Centrum Veilig Wonen (CVW) of NAM, voor dossiers die eenzijdig door NAM of CVW zijn afgesloten of voor adressen waar alleen C-schade is geconstateerd tot 12:00 uur op 31 maart 2017. Het aanbod van € 1.500 betreft ongeveer 85% van alle betrokkenen.

Het aanbod is geen erkenning van schade en bewoners met nog niet afgehandelde erkende A- of B-schade krijgen altijd een aanbod voor herstel of uitkering van het schadebedrag.

Over de precieze invulling van het aanbod worden de komende weken verdere gesprekken gevoerd met NAM en de bestuurlijke en maatschappelijke partners. De bewoners krijgen binnenkort een brief waarin het concrete aanbod en de spelregels zijn vermeld. Over een aanbod voor schademelders met hogere schades vindt nog overleg plaats. Voor een deel zal sprake zijn van maatwerk. Als een bewoner het aanbod niet accepteert, wordt de schade volgens de huidige procedure verder afgewikkeld.

Nieuw schadeafhandelingsproces

De komende maanden gaat NCG met betrokken overheden en maatschappelijke partners een nieuw schadeproces uitwerken. NCG neemt daarin de positieve elementen en verbeterpunten van de begeleidingscommissie ten aanzien van de recente onderzoeken in het gebied aan de randen van het Groninger gasveld mee om te komen tot een betere manier van schadebeoordeling. Tot de komst van het nieuwe schadeprotocol worden nieuwe schademeldingen niet afgehandeld. Bewoners kunnen schade wel melden bij CVW. CVW handelt de schademelding vanaf 1 juli volgens het nieuwe protocol af.

Een nieuw schadeproces vraagt om een nieuw schadeprotocol, schadehandboek en kwaliteitseisen. Onderdeel daarvan zal zijn een schade-opname-systematiek, het aanwijzen van impactgebieden na een beving en het vereenvoudigen van de behandeling van kleine schades. Het sluitstuk is het aanwijzen van een Onafhankelijke Commissie Schade (OCS) die beslist over de schade en het schadebedrag. NCG gaat de komende weken een plan van aanpak voorleggen aan de stuurgroepen.

Hans Alders: "Er ligt hiermee een zware verantwoordelijkheid voor mij en de provincie, gemeenten, het rijk en de maatschappelijke organisaties om met een goed en gedegen protocol te komen dat uiterlijk per 1 juli ook echt in werking kan treden. Voor alle partijen betekent dat hard moet worden gewerkt aan een nieuwe aanpak waarin voor NAM geen rol meer is, schade deskundig wordt beoordeeld door een onafhankelijke commissie schade en de schademelder centraal staat."

maandag 27 maart 2017

NCG presenteert onderzoek schadeafhandeling CVW

Nationaal Coördinator Groningen (NCG) heeft de schadeafhandeling door Centrum Veilig Wonen (CVW) onderzocht. Uit het onderzoek, uitgevoerd door Ecorys, blijkt dat ruim 60% van de bewoners kiest voor uitbetaling van de schade. De overige bewoners kiezen voor herstel van de schade door afhandeling via CVW.

Van de bewoners die schade laat uitbetalen, laat circa 90% de schade herstellen. De resterende 10% van de bewoners geeft aan het geld nog niet te hebben uitgegeven of ontvangen. Slechts één persoon heeft de uitkering gebruikt voor de aankoop van andere goederen. Daarmee ontkracht dit onderzoek eerdere geruchten dat schademelders het schadebedrag anders besteden, zoals bijvoorbeeld aan een nieuwe televisie.

Nationaal Coördinator Groningen Hans Alders: "Het is van groot belang dat bewoners goed geholpen worden bij het oplossen van schades aan woningen en gebouwen. Daarom werkt NCG aan de verbetering van het schadeafhandelingsproces. Het onderzoek van Ecorys biedt NCG inzicht in de toepassing van het schadeprotocol en geeft aanknopingspunten voor de verbetering ervan."

Schade uitbetalen

Uit het onderzoek blijkt dat het merendeel van de bewoners de schade laat uitbetalen zodat zij een eigen aannemer in kunnen schakelen. Bewoners  kiezen hier vooral voor omdat zij de eigen aannemer betrouwbaarder vinden, liever eigen verantwoordelijkheid hebben over de financiële afhandeling of vinden dat de reparatie dan beter wordt uitgevoerd.

Bewoners die dichter bij de kern van het aardbevingsgebied wonen, kiezen relatief vaker voor uitkering van het schadebedrag. Een mogelijke verklaring hiervoor is dat de kans op vervolgschade groter is en men liever even afwacht met het herstellen van de schade. Als er nieuwe schade ontstaat, kan men dit namelijk opnieuw melden.

Klanttevredenheid

Uit het onderzoek blijkt verder dat schademelders positief zijn als het gaat over het meldingsproces van de schades. Een grote meerderheid geeft aan dat het proces gemakkelijk is. Dit geeft aan dat de wijze waarop de schade kan worden gemeld goed is georganiseerd. De mate van tevredenheid over de schadeafhandeling daalt naar mate men verder komt in het schademeldingsproces. Zeker wanneer de uitkomst van het schaderapport niet in lijn is met de verwachtingen van de bewoner. Vanuit dit perspectief heeft de dalende klanttevredenheid van de laatste tijd niet zozeer te maken met slechtere dienstverlening van CVW, maar vooral met een toename van het aantal schademeldingen sinds 2015 dat in de afronding komt.

Aanbevelingen

Op basis van het onderzoek heeft Ecorys een aantal aanbevelingen gedaan. Een aanbeveling is om wijzigingen in de systemen van CVW sneller te verwerken waardoor de actualiteit beter kan worden gemonitord. Het gaat bijvoorbeeld om het sneller doorvoeren van adreswijzigingen, wijziging in contactgegevens en overlijdensberichten. Verder wordt aanbevolen om de klanttevredenheid per processtap te blijven meten en hierover te rapporteren. Meer aandacht en inzet voor de uitleg van de procedures is niet nodig. De procedure voor schademeldingen is bij vrijwel iedereen duidelijk. Ook blijkt uit het onderzoek geen aanleiding  om de mogelijkheid tot het uitbetalen van de schadebedragen aan te passen.

Over het onderzoek

In opdracht van NCG heeft Ecorys onderzoek gedaan naar de uitvoering van het door NAM vastgestelde schadeprotocol door CVW. In het onderzoek zijn vragenlijsten afgenomen bij bewoners uit het gebied. De bewoners zijn op basis van een steekproef geselecteerd uit de database van CVW. In totaal zijn 3.125 bewoners benaderd. Bij 1.116 bewoners (40%) is de gehele vragenlijst afgenomen. Het onderzoek geeft inzicht in de redenen van bewoners om te kiezen voor uitbetaling van het schadebedrag. Ook is duidelijk geworden waarom een grote groep bewoners niet reageert op het aanbod tot schadeherstel en waarom het waarderingscijfers voor klanttevredenheid voor CVW daalt.

vrijdag 3 februari 2017

Bewoners aardbevingsgebied kunnen rechtsbijstandverzekering afsluiten

Uit onderzoek van Nationaal Coördinator Groningen (NCG) blijkt dat het voor bewoners van het aardbevingsgebied mogelijk is bij meerdere verzekeraars een rechtsbijstandverzekering af te sluiten. Hieronder valt ook de verzekering voor juridische procedures ten gevolge van schade door bodembeweging. Er blijkt door deze verzekeraars geen uitzondering te worden gemaakt voor aanvragers in het aardbevingsgebied ten aanzien van andere gebieden in Nederland. Het Verbond van Verzekeraars heeft deze bevindingen bevestigd.

Bewoners van het aardbevingsgebied kunnen onder andere bij ARAG, Interpolis, Centraal Beheer, FBTO en Averó een rechtsbijstandverzekering afsluiten. Deze verzekeraars hanteren geen bijzondere voorwaarden. Wel geldt een algemeen verzekeringsprincipe. Er kan geen verzekering worden afgesloten voor een voorval als het voorval al heeft plaatsgevonden. NCG monitort of er voldoende partijen zijn waarbij een rechtsbijstandsverzekering kan worden afgesloten.

Bewoners die toch problemen ondervinden om een rechtsbijstandsverzekering af te sluiten, kunnen dit bij NCG melden door een e-mail te sturen naar info@nationaalcoördinatorgroningen.nl of te bellen met 088 - 041 4444. Ook als de verzekeraar volgens de bewoner onredelijke voorwaarden stelt.

Meer informatie over rechtsbijstandverzekeringen en overige mogelijkheden voor (rechts)hulp vindt u op de website www.nationaalcoordinatorgroningen.nl onder het thema "Schade".

Over de Nationaal Coördinator Groningen

De Nationaal Coördinator Groningen is een samenwerking van twaalf Groninger gemeenten in het aardbevingsgebied, de provincie Groningen en de Rijksoverheid.

Hans Alders

Op 1 juni 2015 is Hans Alders voor vijf jaar benoemd tot Nationaal Coördinator Groningen. In deze functie geeft hij leiding aan de medewerkers van de Nationaal Coördinator Groningen (NCG). De NCG heeft de regie op het schadeherstel en het aardbevingsbestendig maken van de huizen en gebouwen en infrastructuur (zoals wegen en dijken) in het aardbevingsgebied in de provincie. In de organisatie werken de twaalf betrokken gemeenten, de provincie Groningen en het rijk samen. De aanpak van deze opgave is vastgelegd in het Meerjarenprogramma Aardbevingsbestendig en Kansrijk Groningen.

De Nationaal Coördinator Groningen valt onder de verantwoordelijkheid van de minister van Economische Zaken. Hij heeft rechtstreeks toegang tot de betrokken ministers en kan via de minister van Economische Zaken voorstellen doen aan de Ministerraad. De Nationaal Coördinator Groningen kan voorstellen doen voor de agenda van en deelnemen aan de vergaderingen van de betrokken onderraad voor de Ministerraad (REZIM), van Gedeputeerde Staten van Groningen en van de colleges van Burgemeester en Wethouders van de betrokken gemeenten om bijvoorbeeld het programma of de voortgang van het programma te bespreken.

In het instellingsbesluit Nationaal Coördinator Groningen leest u meer over de bevoegdheden van de Nationaal Coördinator Groningen.

Medewerkers

De medewerkers van de Nationaal Coördinator Groningen werken voornamelijk in de provincie Groningen. Een klein deel van de medewerkers werkt in Den Haag. De medewerkers ondersteunen de Nationaal Coördinator in zijn taken: het komen tot voorstellen voor, het bevorderen van en bijdragen aan de uitvoering en het bewaken en rapporteren over de voortgang van het programma 'Aardbevingbestendig en Kansrijk Groningen'.

Bezoek voor meer informatie de website www.ncg.nl !

© Nationaal Coördinator Groningen